Esther Vergeer

24-10-2009: ALGEMEEN: SPORTBILLIES: ARNHEM
Op Papendal vond vandaag de eerste 'Sportbillies' plaats. Een dag ontstaan uit Joey's droom. Kinderen met een handicap laten sporten, waaronder Joey's broertje Jochem. Hier op de foto met zijn grootste fan rolstoeltennister Esther Vergeer.
Foto: Mathilde Dusol.

Dit ben ik

Mijn naam is Esther Vergeer. Anderen noemen mij spontaan, open minded en overal voor in. Ik kan besluiteloos zijn, maar neem ik een besluit dan ga ik daar volledig voor. Of dat nu werkgerelateerd of op persoonlijk vlak is.

Profiel

Dit ben ik
Esther Vergeer

Geboortedatum
18 juli 1981

Woonplaats
Woerden

Leefsituatie
Samenwonend

Sport
Rolstoeltennis, triathlon en crossletics

Hobby’s
Bakken en sporten

Gekke gewoonte
Ik houd van jaren ’80-, ’90- en ’00-feesten en heb een zwak voor koekjes en pepernoten.

Waarom doe je mee
Raket is edgy en ik sta absoluut achter het uitgangspunt ‘Mensen in hun kracht zetten’.

Contact
globeglobefacebookTwitter

Dit kan en doe ik

Als rolstoeltennisster heb ik vanaf april 1999 tot januari 2013 onafgebroken op de eerste plaats in de wereldranglijst gestaan. Ik ben zevenvoudig Paralympisch kampioen tennis, heb 470 wedstrijden achter elkaar gewonnen en ik werd vijf keer verkozen tot gehandicapte sporter van het jaar. Als kroon op mijn werk mocht ik op 21 december 2016 de Fanny Blankers-Koen Carrièreprijs in ontvangst nemen.
Sinds ik in februari 2013 gestopt ben met rolstoeltennis houd ik ervan om mensen te verbinden. Ik geloof honderd procent in de integratie van sport en zet me daarom graag in voor meer gehandicaptensportevenementen. Ik ben sinds de eerste editie in 2009 toernooidirecteur van het ABN AMRO World Wheelchair Tennis Tournament in Rotterdam. En ik heb mijn eigen Esther Vergeer Foundation om kinderen met een lichamelijke handicap aan het sporten te krijgen. Ik werk samen met NOC*NSF om de Paralympische topsport naar een hoger niveau te krijgen. En ik doe daarnaast ook aan public speaking en geef presentaties bij bedrijven. Een leuke combinatie van werkzaamheden want ik ontmoet op deze manier ontzettend veel mensen.

“Het gaat er niet om de beste te zijn, maar iedere dag een beetje beter te worden.”

Dit is mijn weg

Toen ik op achtjarige leeftijd gehandicapt raakte, besloten mijn ouders normaal te blijven doen. Ik ging naar een gewone school, speelde net als elk ander kind buiten en moest thuis zelf mijn speelgoed opruimen. Dat heeft mij gevormd tot wie ik nu ben. Ik maakte weerstand mee, stond voor uitdagingen, raakte gehard en leerde mezelf goed kennen. En wie zichzelf goed kent, kan vervolgens ook goed inschatten wie nog meer nodig is. Je hebt namelijk altijd anderen om je heen nodig, wil je verder komen dan je nu bent.
Uiteindelijk gaat het om ieder klein stapje. Samen maken vijftig kleine één grote stap. Het mooie van sport is dat het zo concreet is. Sla je vier fouten, dan heb je een game verloren. Je merkt meteen of je wel of niet goed bezig bent. Mijn drive? Die haalde ik puur uit het zien van verbetering. Je kunt in de sport op zoveel vlakken invloed uitoefenen, van je fysieke en mentale kracht tot je service of forehand. Doe je het goed, dan krijg je direct waardering en bevestiging. Trots op de resultaten ben ik tijdens mijn tenniscarrière echter maar zelden geweest, ik keek altijd vooruit. Nu ik gestopt ben, word ik wel steeds trotser op de medailles. Vooral als ik zie wat de impact ervan is op kleine kinderen, het bedrijfsleven of topsporters van nu.

Dit is mijn beperking

Ik heb een bloedvatenafwijking aan mijn ruggenmerg. Die afwijking zat er al vanaf mijn geboorte maar tussen mijn zesde en achtste heeft het gezorgd voor drie bloedingen, waarna de afwijking aan het licht kwam. Artsen hebben toen geprobeerd de tijdbom van bloedvaatjes te verwijderen maar dat is niet helemaal gelukt. 80 procent is weggehaald en een gedeeltelijke dwarslaesie bleek het gevolg.
Ik was jong dus de impact ervan werd mij pas duidelijk toen ik weer naar school mocht. Een lange periode heb ik elke avond gehuild: ‘Waarom ik, mama?’ Maar ik was altijd al vindingrijk en probeerde dus op het schoolplein ook gewoon mee te doen met voetbal.

Dit heb ik nodig

Veel aanpassingen heb ik niet nodig. Een rolstoel, een lift in huis en een aangepaste auto. Meer niet. Maar in een ideale wereld zou er in openbare ruimtes of het openbaar vervoer wel meer over nagedacht kunnen worden. Kom ik in een gebouw zonder lift, dan moet ik een keuze maken: ga ik weg of klim ik via mijn kont de trap op? Je moet als gehandicapte je leven lang inventief zijn. Doe je dat niet dan raak je gefrustreerd en daar heb je uiteindelijk alleen jezelf mee.

Tips voor bedrijven

Er wordt nu te snel een deur dicht gedaan. Bedrijven zijn bang voor teveel gedoe en denken het geld of de tijd niet te hebben om gehandicapten aan te nemen. Iedere gehandicapte is weer anders, maar in gesprek met elkaar blijkt vaak dat er veel mogelijk is. Kortom, het begint met communicatie.

Dromen

Het zou fijn zijn als mensen met een handicap niet langer meer ‘een dingetje’ zouden zijn. Niet meer gek, raar of opvallend. Via de sport probeer ik me daarvoor in te zetten en van betekenis te zijn voor de maatschappij. Door je als gehandicapte te laten zien, kun je bijdragen aan de beeldvorming en daardoor acceptatie. De onwetendheid moet verdwijnen. Het is vanzelfsprekend dat mensen zoals wij er ook gewoon zijn. In het bedrijfsleven, maar ook op normale scholen. Het is net als met vrouwen die vroeger alleen maar achter het aanrecht mochten staan. Je moet ergens beginnen en durven. Pas dan kun je de maatschappij veranderen.

Geschreven door: Laura Vogels
Beeldmateriaal: zelf aangeleverd

Deel dit met
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone